De leraar op Europaklassen

17 jaar, zesde middelbaar

ik: ‘Meneer, wanneer zijn we hiermee klaar?’
hij: ‘Tja miss ellie, wanneer jij klaarkomt dat kan ik toch niet weten.’

Een paar dagen later, op de trap in het kasteel van Alden Biesen gefluister in mijn oor: ‘A thing of beauty is a joy forever.’

Gelukkig waren er 12 English Public School boys aanwezig om mij af te leiden en te beschermen.






Vergissen is menselijk

‘U mag u nu uitkleden. Volledig. Enkel uw sokken mag u aanhouden. En dan trekt u dit aan en mag u mij volgen.’

Ik twijfel. Is dit de normale gang van zaken? Tenslotte ging ik nooit eerder onder het mes, wie ben ik om hier vragen over te stellen.

De verpleegkundige richt zich tot mijn moeder: ‘Mevrouw, gaat u gerust even de stad in. De ingreep zelf duurt niet zo lang maar we houden uw dochter toch nog enkele uren in de gaten. Wegens de narcose, begrijpt u. U hoeft echt niet hier te wachten.’

Paniek overmeestert me. Mijn moeder staat perplex.

‘Dan zijn we blijkbaar verkeerd ingelicht. Dit is toch een ingreep onder plaatselijke verdoving?’ ‘En waarom moet ik mijn slipje uitdoen maar wel mijn sokken aanhouden voor een operatie aan mijn grote teen?’

‘Hoe, u bent hier niet voor een rugoperatie maar voor een operatie aan uw grote teen? Wacht, dan moet ik toch nog eens uw dossier erbij nemen’.

Medische fouten een zeldzaam fenomeen? Ik dacht het niet.






Petitie

1982, het vierde leerjaar. Kleine Virginia en haar broertjes moesten, met twee buitenshuis werkende ouders, warm eten op school. Op de jongensschool was dat absoluut geen straf (daar kregen ze desserts, en zelfs frieten. Frieten!). Op de meisjesschool was het heel wat minder. Na een zoveelste klaagzang van haar dochter, reageerde moeder Virginia: ‘Wel, dan moet je eens een petitie houden hé op school, voor lekkerder eten.’

Zo gezegd zo gedaan, de volgende dag ging kleine Virginia met haar Petitie Voor Beter Eten rond bij haar klasgenootjes. Niemand wilde echter tekenen. Het zou geen gemakkelijke missie worden.

Tot overmaat van ramp werd ze tijdens het speelkwartier bij de directrice gesommeerd: ‘Wat is dat allemaal met die petitie?’ Kleine Virginia, nog onbeslagen in het actievoeren, was direct geïntimideerd en snikte: ‘Ik moest dat doen van mijn ma-ha-maaa!’ De directrice reageerde mild: ‘Ah, als je mama dat gezegd heeft, dan moet je dat inderdaad doen. Maar kom in het vervolg toch eerst eens iets zeggen tegen mij.’ Incident gesloten. Petitie ook.

Jaren later, tijdens een bezoek aan mijn toenmalige juf: ‘Zeg Virginia, weet je nog, die petitie?’
Eh, ja.
‘Weet je hoe de directrice en ik dat te weten zijn gekomen?’
Eh, neen…?
‘De meisjes van jouw klas kwamen bij ons, om te klagen dat jij vuile woorden gebruikte…’

We hebben geen beter eten gekregen, trouwens.






De leraar biologie

12 jaar en in het eerste middelbaar.
En daar was de leraar biologie. Een oudere man (enfin, hij kon onze vader zijn) die ons alles uitlegde over bloedgroepen, voortplanting, …

Ik zie ons nog binnenkomen in de les.
Microscoop op zijn tafel en een grijns op zijn gezicht.

“En vandaag gaan we het hebben over de voortplanting.
Ik ben speciaal voor jullie 5 minuten vroeger opgestaan deze morgen …”

En daar zwommen ze onder de microscoop, de mini-zwiepertjes van onze leraar biologie.






Luie-venten-kuis

gehoord in de bruine dorpskroeg.

“Zeg Jos, is die van ulle ook mee met de KVLV?”
“Ja Fons jong, als’t met de KVLV is dan moet ze mee. Is Jeanne ook mee?”
“Ja Jos, ze heeft nog wel getwijfeld omdat het haren kuisdag is maar ze heeft gezegd dat ik dan maar voor ene keer moet kuisen.”
“En doet gij dat dan Fons, dat is toch niks voor ons jong?”
“Maar belange niet. Ik zet nen heten emmer water in de gang met nen drets produkt erin en dan nog ene in de living en ene in de keuken. Vlak voor ze thuiskomt giet ik die emmers weg en zo riekt het hier goed hé.”

“En merkt die van ulle dat niet?”
“Mor nee gij, ik heb da nogal eens gedaan.”

“Nog een pintje Fons?”
“Goe Jos.”






Om zeep

Kijk, wanneer :

iemand je wakker belt op een ZATERDAGOCHTEND om NEGEN uur, en je, nadat je vlugskes in je jeans en T-shirt bent geschoten en met verwarde haren en spleetogen de deur hebt opengedaan doodgemoedereerd en zonder enige verontschuldiging de weg vraagt (twee straten verder meneer, links en rechts),

je grommelend weer naar boven bent gekropen en je jezelf weer in bed hebt gegooid, en twee Jehova’s je een kwartier later opnieuw uit je hernieuwde slaapje wakkerbellen om zonodig de Wegen des Gods omstandig te gaan uitleggen (neenee dank u, ik ben niet gelovig en nee merci het is vriendelijk en – MOR LOT MIJ NU GERUUUUUUUUST!),

dan hé, dan ben ik geneigd om de Jehova’s toch te beginnen geloven: de wereld is om zeep.






Een dagje in het shoppingcentrum: wat hebben wij geleerd?

- Heupbroeken zijn niet voor iedereen een goed idee (ja, ik heb het op u, verkoopster bij H&M met een paar maatjes meer dan uw broek);
- Winkelpersoneel met onsmakelijke hoestbuien (drie in vijf minuten) zou bij wet verboden moeten worden (ja, ik heb het op u, klerenweghangster bij Zara, kinderafdeling dan nog);
- Er is een tijd en plaats voor alles, ook voor het uitgebreid herinneringen ophalen met de vrouw die 20 jaar geleden zwemles heeft gegeven aan uw zoon. En die tijd en plaats zijn niet als er 10 mensen aan uw kassa staan te wachten (ja, ik heb het op u, kassamevrouw bij Hema);
- Kassa’s zonder kassamevrouw brengen mensen – zelfs de meest eerlijke onder ons – echt wel heel erg in de verleiding om zomaar door te wandelen, zeker als je een kwartier moet wachten om een prul van 3 euro te ‘mogen’ betalen (ja, ik heb het op u, voor-de-rest-heel-vriendelijke mevrouw bij Zara Home. Jammer wel dat dan uw kassa ook nog niet wilde deblokkeren);
- Niet iedereen is geïnteresseerd in luide verslagen van de problemen met uw net gekochte maar veel te grote legging, waaruit u helaas het etiketje al had geknipt. En geklaag over het feit dat u zich net tussen maat 34 en maat 36 situeert, terwijl uw klanten hun zakje vol schepsnoep aan het vullen zijn, is niet bevorderlijk voor de verkoop (ja, ik heb het op u, kassajuffrouw en vriendin in het snoepwinkeltje).

Maar voor de rest was het een leuke dag, dankuwel.






Den djoef van de week

1 blik in de spiegel.
- oogleden: hangen
- kaken: hangen
- borsten: hangen
- haar: hangt maar wat te hangen

En dan komt mijn man thuis en vraagt: en waar heb je vandaag zoal uitgehangen?

Djoef.






Foeifoeifoei

Waarde Huisvrouw, u heeft gelijk. Ook hier in de auto wordt elk kinderlied geweerd. Al van kleinsaf was mijn zoon verplicht om te luisteren naar The Pixies en consoorten. En het werkt, O Huisvrouwe, het werkt. Want al kan hier op TV-smaak en etensmaak ook wel wat gefoeterd worden, mijn zoons muzieksmaak is, zoals ook die van Uwe Kleuterheid blijkbaar, uitmuntend. Zo bombardeerde hij tot zijn lievelingsmuziek achtereenvolgens “Alledrie – a!” (Allegria dus), “de trompetten!” (Bregovic dus), “de storm!” (The Prodigy), “Smiet driems!”(The Eurythmics), “Ik hou van u/Je t’aime tu sais” (sic), en op dit eigenste moment “Foei foei foei” van Myra.

Hij kan de liederen perfect mee bassen, drummen, trompetteren en zingen. En al is het een tikje vreemd om hem luidkeels te horen zingzangen: “Foeifoeifoei en we hebben weer gedronken, foeifoeifoei en we hebben zoveel spijt”, toch geniet ik er enorm van.

Al hou ik telkens weer mijn adem in bij de Welluidende Volzin “nam hij mij weer gloeiend anaal”. Vooralsnog zingt hij alles juist en zuiver mee, behalve die zin, daar broebelt hij wat onverstaanbaars, maar ik hou mijn hart vast voor het moment dat hij ook dié zin beetheeft. En hem ongetwijfeld uit volle borst aan zijn schooljuf ten gehore brengt…






Jodelahihiiiiiiii!

Het is lente, dames en heren! Ruikt nekeer? Snuift nekeer? Voelt nekeer de zon op uw ontblote armen en benen? Kijkt nekeer naar de bloesemende bomen?

Ik voel mijn rokje tegen mijn benen zwiepen, mijn heupen zwieren een tikje mee, mijn borsten hupsen op, mijn tred is energieker dan ooit.
Ik krijg de kolder in mijn kop, zou naar iedereen fluiten, loop de godganse dag aria’s te knallen, heb zin in sex, kan uuuuuuuren doorzakken op een wittewijnterraske, wil op straat een radslag doen, krijg de neiging om op de stoep een hinkelspelletje te doen en zou elke moment van de dag kunnen bulderlachen.

Doe mee, zou ik zo zeggen, want HET – IS – LENTEUJ!









Welkom op Jutblogt.
Wij zijn een groep virtuele vrienden met een gedeeld virtueel verleden, die besloten hebben ons aan een groepsblog te wagen.
Heel verscheiden, heel divers, soms scherp, soms grappig, maar vooral met plezier geschreven. Met deze blog gunnen we u een blik in onze ziel, en geloof ons, het is daar gezellig toeven.
Gisteren nog geheim en enkel voor een zeer select publiek, vandaag zomaar voor iedereen toegankelijk. Ook voor u. Gratis en voor niks. Veel leesplezier.






Profielen


Blablabla